Kam en het meisje
Haar maag krimpt samen als de
luifel van de zaak in beeld komt.
Verstrooid overhandigt ze de
taxichauffeur geld en struikelt halsoverkop de taxi uit. De
chauffeur roept haar terug, maar Kinza staat inmiddels in de winkel
en wacht nerveus op een teken van leven in de bedompte ruimte. Het
lijkt een eeuwigheid, maar dan komt er eindelijk een verslonste
man, krabbend en snuivend, binnensloffen en vraagt bars wat ze
verlangt. Wat ik verlang, denkt Kinza en de haartjes springen
weer overal op haar lijf overeind, wat ik verlang, is jouw
winkelbediende.
Ik, eh, heb een boodschap voor
Kam, hoe laat komt hij terug? De man kijkt haar
niet-begrijpend en enigszins ongeduldig aan. Dan gaat er hem
een licht op. Ja, ja Kam, die goeie ouwe Kam...
Maar Kam werkte al een tijd niet
meer hier en nee, hij had geen adres van hem en jongedame, al
had ik die wel...aha, ik snap het, hij heeft je zeker laten
zitten...?
Maar Kinza is al weg.
Terwijl ze stond te praten met de eigenaar, was haar namelijk iets
te binnen geschoten.
Hij, Kam, had het langgeleden eens
gehad over zijn oom en wat hadden ze toen samen moeten
lachen, want inderdaad de wereld is klein, want zij kende de
kinderen van die oom nog van de kleuterschool en als ze niet waren
verhuisd, wist ze wel een beetje waar ze
woonden.
Taxi! Naar de kleine huisjes,
alsjeblieft...
Kleine huisjes, kleine huisjes,
oja, hun huis was tegen een delicatessenwinkeltje aangebouwd.
Goed, dat schoot op. Daar was dus hun huis.
..
Een kleine jongen deed open en
voor ze zelfs tot tien kon tellen zat ze al in de salon. Het
schattige jongetje was zijn moeder gaan halen.
Welkom! Welkom! Welkom in ons
nederige stulpje! Dus je bent een kennis van mijn
schoonzus...aha...nou, en hoe gaat het met jou en je familie?
Hmmm...meisje doe niet zo gek, je kunt niet met een jas aan eten,
dus geef maar hier je jas...nee, ik sta er op, jij eet gezellig een
hapje mee...
Dit ging
perfect.
Hoe kort ze ook in Spanje had
gewoond, één ding had ze snel opgepikt: de spanjaarden draaiden
niet lang om de hete brij heen. Maar Kinza wist dat ze eerst
uitgebreid met de familie moest tafelen, misschien zelfs even samen
een siestaatje houden, een kopje thee drinken en dan zou ze tussen
neus en lippen door kunnen informeren naar het adres van
Kam.
En aldus geschiedde. Het was
gezellig, de dochters en de moeder waren heel hartelijk en Kinza
voelde hoe het ijzer heter en heter werd.
Al pratende informeerde ze naar de
gezondheid van de kinderen van de schoonzus. Het gaat met iedereen
goed...hmmm...en de middelste, nee, ik bedoel, Kam, dat is toch de
middelste zoon, werkt hij nog altijd in de fotozaak...nee? O waar
werkt hij dan nu?
Voor iemand het felbegeerde
antwoord kan geven, springt Bouch overeind...
Wordt vervolgd...
Commentaren